Bijgewerkt september 3, 2026
Kort: G7-landen coördineren de overgang naar kwantumveilige cryptografie en stellen eisen aan internationale partners. Europese organisaties die actief zijn in gereguleerde sectoren of overheidsketens moeten uiterlijk 2030 PQC-compliant zijn en hun cryptografische inventarisatie nu starten.

De internationale coördinatie rond post-kwantumcryptografie (PQC) is in 2023 en 2024 in een stroomversnelling geraakt. De G7 Cybersecurity Working Group Statement on Post-Quantum Cryptography Migration en de EU PQC-transitieroadmap van de NIS Cooperation Group leggen samen een nieuw normatief kader neer dat verder reikt dan de directe deelnemers. Europese organisaties die exporteren naar of samenwerken met G7-overheden, kritieke infrastructuur beheren of onder NIS-2 vallen, staan voor concrete migratieverplichtingen die nu al de inkoop- en complianceagenda bepalen.

Wat de G7 PQC-verklaring inhoudt en waarom die verder reikt dan de G7

De G7 Cybersecurity Working Group Statement on Post-Quantum Cryptography Migration, uitgebracht in 2023 tijdens het Italiaanse G7-voorzitterschap, is een politieke verklaring zonder directe rechtskracht buiten de zeven lidstaten. Toch heeft de verklaring indirecte werking op niet-G7-organisaties via drie kanalen.

Ten eerste spreken de G7-landen expliciet de verwachting uit dat handelspartners, leveranciers en andere overheden dezelfde migratietrajecten volgen. Dat is geen vrijblijvende uitnodiging: aanbestedingsvoorwaarden en leveranciersovereenkomsten met Amerikaanse, Britse, Duitse, Franse, Japanse, Canadese en Italiaanse overheidsdiensten vertalen zich steeds vaker in contractuele PQC-eisen. Een Europees bedrijf dat software, netwerkapparatuur of clouddiensten levert aan een G7-overheidsinstantie, kan via de inkoopketen worden verplicht om aantoonbaar kwantumveilige versleuteling te gebruiken, vaak met een horizon van 2030.

Ten tweede versterkt de G7-verklaring het politieke draagvlak voor de EU PQC-transitieroadmap, die in april 2024 door de NIS Cooperation Group werd gepubliceerd. Die roadmap heeft wel een normatieve basis via de NIS-2-richtlijn (Richtlijn EU 2022/2555) en stelt dat operatoren van essentiële diensten in sectoren als energie, transport, financiën en gezondheidszorg hun risicobeheersmaatregelen moeten actualiseren om kwantumdreiging te adresseren.

Let op: Het ‘harvest now, decrypt later’-principe maakt wachten kostbaar. Aanvallers kunnen versleuteld netwerkverkeer nu al onderscheppen en opslaan om het te ontsleutelen zodra kwantumcomputers beschikbaar zijn. Gevoelige data met een lange vertrouwelijkheidshorizon, zoals medische dossiers, juridische stukken of staatsgeheimen, is daardoor al vandaag blootgesteld aan toekomstig kwantumrisico.

Vergelijking van tijdlijnen: G7, EU-roadmap en NIST IR 8547

De drie belangrijkste beleidsdocumenten hanteren overlappende maar niet identieke termijnen. Een helder overzicht is essentieel voor compliance officers die prioriteiten moeten stellen.

Kader Mijlpaal Doelgroep Bindend?
G7 PQC Statement (2023) Migratie zo snel mogelijk; hogere urgentie voor kritieke sectoren G7-lidstaten en hun leveranciers Nee (politiek)
EU PQC-transitieroadmap (NIS Cooperation Group, april 2024) Fase 1: voorbereiding 2026, Fase 2: implementatie kritieke systemen 2030, Fase 3: volledige transitie 2035 Operatoren van essentiële diensten in de EU Indirect via NIS-2
NIST IR 8547 (Initial Public Draft, 2024) Afbouw RSA/ECDSA na 2030; volledige depreciatie 2035 Federale VS-systemen; internationaal als de facto referentie Verplicht voor VS-overheid

De tijdlijnen zijn grotendeels congruent: 2030 als ijkpunt voor kritieke systemen en 2035 als einddatum voor klassieke algoritmen. Toch zijn er spanningsvelden. NIST IR 8547 deprecieert RSA en elliptische-curve-algoritmen voor nieuwe systemen al per 2030, terwijl de EU-roadmap voor niet-kritieke systemen een langere overgangstermijn tot 2035 toestaat. Organisaties die aan beide regimes moeten voldoen, dienen de strengste termijn als uitgangspunt te nemen.

“The G7 members commit to promote and support migration to quantum-resistant cryptography and encourage other governments and the private sector to do the same.”

G7 Cyber Expert Group, Statement on Post-Quantum Cryptography Migration, 2023

Welke Europese organisaties staan onder indirecte druk

De G7 PQC-aanbevelingen beïnvloeden Europese organisaties niet alleen via overheidsopdrachten. De ketenwerking is breder.

Europese technologieleveranciers die hardware of software verkopen aan NAVO-lidstaten of aan defensiegerelateerde programma’s binnen de EU, worden via beveiligingseisen in aanbestedingen al direct geconfronteerd met PQC-certificeringsvereisten. Financiële instellingen die grensoverschrijdende betalingsinfrastructuur beheren, vallen onder toezicht dat zich uitstrekt tot de cryptografische robuustheid van de communicatieprotocollen. Juridische en adviesbureaus die vertrouwelijke gegevens uitwisselen met internationale cliënten in overheids- of defensiesectoren, lopen reputationeel en aansprakelijkheidsrisico als zij klassieke versleuteling blijven gebruiken na het moment waarop kwantumontsleuteling realistisch wordt.

Specifiek relevant zijn organisaties in de volgende sectoren die exporteren naar of opereren in G7-landen: producenten van netwerkapparatuur en encryptieoplossingen, aanbieders van cloudinfrastructuur en managed security services, partijen in de farmaceutische en medische deviceketen, en logistieke dienstverleners met kritieke-infrastructuurstatus.

ML-KEM en ML-DSA als internationale standaard: wat het betekent voor de praktijk

NIST heeft in augustus 2024 FIPS 203 (ML-KEM) en FIPS 204 (ML-DSA) definitief gepubliceerd. ML-KEM vervangt RSA en ECDH voor sleuteluitwisseling; ML-DSA vervangt RSA-handtekeningen en ECDSA. Beide algoritmen zijn gebaseerd op roosterwiskunde (lattice cryptography) en zijn bestand geacht tegen aanvallen door zowel klassieke als kwantumcomputers.

“Organisations should start planning their migration to post-quantum cryptography now, as the transition will take years and cryptographic agility must be built into systems from the outset.”

ENISA, Post-Quantum Cryptography guidance

Voor organisaties die internationaal opereren, is de vraag of NIST-standaarden en Europese standaarden compatibel zijn. Het antwoord is grotendeels bevestigend. ETSI (European Telecommunications Standards Institute) heeft via haar Quantum Safe Cryptography-werkgroep (ETSI QSC) ML-KEM en ML-DSA geïntegreerd in haar specificaties. Het BSI (Bundesamt für Sicherheit in der Informationstechnik) raadt beide algoritmen expliciet aan in haar technische richtlijn TR-02102 en heeft PQC-aanbevelingen opgenomen in de meest recente versies van die leidraad.

Let op: Hoewel ML-KEM en ML-DSA door zowel NIST als ETSI en BSI worden aanbevolen, kunnen de vereiste parametersets en implementatieprofielen per certificeringsregime verschillen. Organisaties met gecombineerde NIST- en ETSI/BSI-verplichtingen dienen cryptografische agiliteit in hun systemen in te bouwen, zodat algoritmen modulair uitwisselbaar zijn zonder volledige herimplementatie.

Het BSI schat dat een cryptografisch relevante kwantumcomputer binnen tien tot vijftien jaar operationeel kan zijn (BSI, 2023). Dat tijdvenster overlegt exact met de migratietijdlijnen in zowel NIST IR 8547 als de EU-roadmap, wat de urgentie van een vroegtijdige start onderstreept.

Gevolgen voor inkoop van hardware en software vóór 2030

De 2030-deadline voor kritieke infrastructuur heeft directe gevolgen voor de aanschaf van hardware en softwarelicenties. Apparatuur die vandaag wordt ingekocht en een verwachte levensduur heeft van acht tot twaalf jaar, zal in gebruik zijn op het moment dat klassieke algoritmen worden afgebouwd. Organisaties die nu routers, VPN-concentratoren, HSM’s (hardware security modules) of PKI-software aanschaffen zonder PQC-ondersteuning, riskeren een vroegtijdig geforceerde vervanging.

Concreet betekent dit dat inkoopafdelingen in hun technische specificaties en aanbestedingseisen nu al moeten opnemen dat leveranciers een aantoonbaar PQC-migratiepad moeten bieden, bij voorkeur via firmware-updates of modulaire algoritme-ondersteuning. Voor software geldt dat cryptografische bibliotheken zoals OpenSSL, Bouncy Castle en libnss al productieversies van ML-KEM en ML-DSA ondersteunen, maar dat integratie in enterprise-applicaties een gestructureerd testtraject vereist.

De EU PQC-transitieroadmap (NIS Cooperation Group, april 2024) stelt dat kritieke-infrastructuuroperators uiterlijk 2030 een gefaseerde PQC-implementatie moeten hebben afgerond voor hoogrisicosystemen. Dit impliceert dat inkoopbeslissingen die nu worden genomen voor meerjaarlijke contracten direct onderworpen zijn aan die tijdslimiet.

Hoe compliance officers de G7-verwachtingen operationaliseren

De G7 PQC-verklaring en de EU-roadmap bieden een gedeeld normatief kader, maar de operationalisering vraagt om een gestructureerde aanpak binnen de eigen organisatie. Een cryptografische inventarisatie vormt het fundament.

Stap 1: Cryptografische inventarisatie

Breng alle systemen in kaart die versleuteling of digitale handtekeningen gebruiken: TLS-verbindingen, VPN’s, PKI-certificaten, e-mailbeveiliging (S/MIME, PGP), databaseversleuteling, API-authenticatie en code-signing. Categoriseer elk systeem naar de gevoeligheidsperiode van de data die het beschermt. Data met een vertrouwelijkheidshorizon van meer dan vijf jaar heeft de hoogste urgentie.

Stap 2: Risicorangschikking op basis van EU-roadmap en G7-contracten

Systemen die data overdragen met G7-overheden of operatoren van essentiële diensten in de zin van NIS-2, krijgen prioriteit in de migratieplanning. Gebruik de ENISA PQC-guidance en de BSI TR-02102 als referentiekader voor de risicoclassificatie. Leg de uitkomst vast als formeel document dat auditeerbaar is bij toezichthouders.

Stap 3: Hybride migratie als overgangsmodel

ETSI en BSI adviseren een hybride benadering: combineer klassieke algoritmen met PQC-algoritmen in dezelfde verbinding, zodat de veiligheid gewaarborgd blijft zolang de nieuwe algoritmen nog niet volledig zijn gevalideerd in de productieomgeving. Dit is ook in lijn met de aanbevelingen van de NIS Cooperation Group voor de transitiefase 2026 tot 2030.

Stap 4: Leveranciersaudit en contractuele borging

Vraag huidige en toekomstige technologieleveranciers om een schriftelijk PQC-migratieplan. Neem PQC-gereedheid op als criterium in aanbestedingen en verlengingsonderhandelingen. Documenteer dit als onderdeel van de informatiebeveiligingsbeheersmaatregelen die NIS-2 artikel 21 vereist.

Veelgestelde vragen

Zijn de G7 PQC-aanbevelingen juridisch bindend voor Europese organisaties?
Nee, de G7 Cybersecurity Working Group Statement on PQC Migration is een politieke verklaring zonder rechtstreekse juridische werking buiten de G7-lidstaten. De bindende verplichting voor Europese organisaties vloeit voort uit NIS-2 en de EU PQC-transitieroadmap. Leverancierscontracten met G7-overheden kunnen echter wel contractuele PQC-eisen bevatten die indirect juridisch afdwingbaar zijn.

Wat is het verschil tussen ML-KEM (FIPS 203) en ML-DSA (FIPS 204)?
ML-KEM is een key-encapsulatiemechanisme voor het veilig uitwisselen van cryptografische sleutels, vergelijkbaar met de rol van RSA of ECDH in TLS-verbindingen. ML-DSA is een digitale-handtekeningalgoritme dat RSA-handtekeningen en ECDSA vervangt voor authenticatie en integriteitsverificatie. Beide zijn gebaseerd op roosterwiskunde en zijn door NIST definitief gestandaardiseerd in augustus 2024.

Moet een Europese organisatie die niet aan G7-overheden levert toch PQC-migreren?
Ja. Ongeacht G7-contracten zijn organisaties die vallen onder NIS-2 of die persoonsgegevens verwerken op grond van de AVG verplicht passende technische maatregelen te treffen. De EU PQC-transitieroadmap maakt PQC-migratie voor kritieke sectoren verplicht voor 2030. Bovendien bestaat het ‘harvest now, decrypt later’-risico ook voor organisaties zonder directe G7-verbinding.

Zijn NIST PQC-standaarden en ETSI/BSI-specificaties compatibel?
Grotendeels wel. ETSI’s Quantum Safe Cryptography-werkgroep en het BSI hebben ML-KEM en ML-DSA beide opgenomen in hun specificaties en richtlijnen. Er zijn wel verschillen in vereiste parametersets en certificeringstrajecten. Organisaties die aan zowel NIST- als ETSI/BSI-eisen moeten voldoen, doen er verstandig aan cryptografische agiliteit in te bouwen zodat algoritmen modulair uitwisselbaar zijn.

Hoe begin ik als compliance officer met een cryptografische inventarisatie?
Start met het identificeren van alle systemen die versleuteling of digitale handtekeningen gebruiken, inclusief VPN’s, PKI-infrastructuur, e-mailbeveiliging en API-verbindingen. Categoriseer ze naar risico en de verwachte levensduur van de te beschermen data. Gebruik het BSI-raamwerk TR-02102 en de ENISA PQC-guidance als referentie. Prioriteer systemen die data overdragen met een lange gevoeligheidsperiode, omdat die nu al kwetsbaar zijn voor ‘harvest now, decrypt later’-aanvallen.

Veelgestelde vragen

Zijn de G7 PQC-aanbevelingen juridisch bindend voor Europese organisaties?
Nee, de G7 Cybersecurity Working Group Statement on PQC Migration is een politieke verklaring zonder rechtstreekse juridische werking buiten de G7-lidstaten. De bindende verplichting voor Europese organisaties vloeit voort uit NIS-2 en de EU PQC-transitieroadmap, maar leverancierscontracten met G7-overheden kunnen wel contractuele PQC-eisen bevatten.
Wat is het verschil tussen ML-KEM (FIPS 203) en ML-DSA (FIPS 204)?
ML-KEM is een key-encapsulatiemechanisme voor het veilig uitwisselen van sleutels, vergelijkbaar met de rol van RSA of ECDH in TLS. ML-DSA is een digitale-handtekeningalgoritme dat RSA-handtekeningen en ECDSA vervangt. Beide zijn gebaseerd op roosterproblematiek (lattice cryptography) en zijn door NIST definitief gestandaardiseerd in augustus 2024.
Moet een Europese organisatie die niet aan G7-overheden levert toch PQC-migreren?
Ja, ongeacht G7-contracten zijn organisaties die vallen onder NIS-2 of die persoonsgegevens verwerken op basis van de AVG verplicht passende technische maatregelen te treffen. De EU PQC-transitieroadmap maakt PQC-migratie voor kritieke sectoren verplicht voor 2030. Bovendien bestaat het 'harvest now, decrypt later'-risico ook zonder directe G7-verbinding.
Hoe begin ik als compliance officer met een cryptografische inventarisatie?
Start met het identificeren van alle systemen die versleuteling of digitale handtekeningen gebruiken, inclusief VPN's, PKI-infrastructuur, e-mailbeveiliging en API-verbindingen. Categoriseer ze naar risico en levensduur. Gebruik het BSI-raamwerk TR-02102 en de ENISA PQC-guidance als referentie. Prioriteer systemen die data overdragen met een lange gevoeligheidsperiode, omdat die nu al kwetsbaar zijn voor 'harvest now, decrypt later'-aanvallen.
Zijn NIST PQC-standaarden en ETSI/BSI-specificaties compatibel?
Grotendeels wel. ETSI's Quantum Safe Cryptography-werkgroep heeft ML-KEM en ML-DSA opgenomen in haar specificaties, en het BSI raadt deze algoritmen expliciet aan in haar technische richtlijnen. Er zijn wel verschillen in implementatieprofielen, parametersets en certificeringstrajecten. Organisaties die aan zowel NIST- als ETSI/BSI-eisen moeten voldoen, doen er verstandig aan cryptografische agiliteit in te bouwen zodat algoritmen modulair uitwisselbaar zijn.